Wat is documentaire fotografie?

Documentaire fotografie laat mensen, plekken en gebeurtenissen zien zoals ze zich aandienen. Het is een zorgvuldige manier van kijken, met aandacht voor detail, context en menselijke aanwezigheid. 

Vaak werken fotografen in series, waarin losse beelden samen een groter verhaal vormen. Zo wordt de kijker niet alleen geïnformeerd, maar ook uitgenodigd om even te blijven hangen en verder te kijken.

Het ontstaan en de kenmerken van documentaire fotografie

Documentaire fotografie ontstond halverwege de negentiende eeuw en groeide uit tot een rijk en veelzijdig genre. Het omvat uiteenlopende vormen, van sociale documentaire en oorlogsfotografie tot het foto-essay. Wat deze benaderingen verbindt, is de wens om de werkelijkheid zichtbaar te maken. Volledige objectiviteit is daarbij een ideaal, geen eindpunt. De beeldtaal is vaak helder en direct, met zo min mogelijk ingrepen.

Tot ver in de twintigste eeuw hielp documentaire fotografie mensen de wereld beter te begrijpen. De indringende oorlogsfoto’s van Robert Capa of de sobere beelden van Walker Evans, die het leven van arme boeren in Amerika vastlegde, deden meer dan registreren. Ze raakten, confronteerden en bleven in het geheugen hangen.


We zien Allie Mae Burroughs, de vrouw van een arme pachtboer tijdens de Grote Depressie in Amerika. Ze kijkt recht in de camera, zonder opsmuk, in een eenvoudige omgeving. Dat maakt het beeld eerlijk en krachtig. Walker Evans maakte de foto in opdracht van de Farm Security Administration. Hij probeerde emoties niet te overdrijven, maar de situatie rustig en helder vast te leggen. Juist die eenvoudige stijl zorgde ervoor dat de foto een symbool werd voor armoede, maar ook voor de veerkracht en waardigheid van mensen in crisistijd.

Sociale betrokkenheid

In deze periode kreeg documentaire fotografie steeds vaker een sociale lading. Fotografen gebruikten de camera om ongelijkheid, onrecht en vergeten groepen zichtbaar te maken. Robert Frank brak vanaf 1949 met vaste vormen en koos voor een vrijere, persoonlijkere beeldtaal. Toch is sociale documentaire niet altijd activistisch. De intentie varieert: van aanklagen tot observeren, van registreren tot reflecteren.

Er zitten passagiers in een tram, zichtbaar gescheiden door ras en sociale status. De gezichten verschijnen elk in hun eigen raam, wat de ongelijkheid in het Amerika van de jaren vijftig subtiel blootlegt. Met dit beeld uit ‘The Americans’ liet Robert Frank zien dat documentaire fotografie kritisch kan reflecteren op de samenleving.

Van archief tot museumzaal

Met de komst van televisie en later digitale media verloor gepubliceerde fotografie terrein. Tegelijk vond documentaire fotografie een nieuw thuis in musea en galeries. Daar verschuift de aandacht naar het hoe en waarom van het beeld. Het werk nodigt uit tot nadenken over waarheid, representatie en de rol van de fotograaf zelf.

Historische wortels

De wortels van documentaire fotografie reiken ver terug. Al in de negentiende eeuw legden David Octavius Hill en Robert Adamson het alledaagse leven in Schotland vast. John Thomson bracht met The Streets of London het Victoriaanse straatleven in beeld, terwijl Eugène Atget het verdwijnende Parijs documenteerde. In New York liet Jacob Riis met How the Other Half Lives de schrijnende armoede zien die vaak verborgen bleef.

We zien een straatverkoper die groente en fruit aanbiedt vanuit een handkar. Het beeld (1877) oogt levendig en vanzelfsprekend, maar is in werkelijkheid deels geënsceneerd. Door de trage cameratechniek van de negentiende eeuw waren lange belichtingstijden nodig, waardoor echte beweging nauwelijks vast te leggen was. John Thomson vroeg zijn onderwerp daarom om stil te staan en een houding aan te nemen die het dagelijkse werk suggereerde. Uit zijn correspondentie blijkt dat hij zich hier regelmatig aan stoorde, vooral wanneer zijn ‘modellen’ gingen lachen. Die onwennige glimlach, ontstaan uit onzekerheid voor de camera, doorbrak volgens Thomson de ernst en geloofwaardigheid van het beeld.


Een bekende foto van Lewis Hine over kinderarbeid in de Verenigde Staten is Breaker Boys uit circa 1911. Op deze foto zijn jonge jongens te zien die in een kolenmijn in Pennsylvania steenkool sorteren. Ze werken lange dagen in gevaarlijke omstandigheden. Hine maakte deze beelden om misstanden zichtbaar te maken. De foto werd gebruikt door hervormingsbewegingen en droeg bij aan strengere wetten tegen kinderarbeid in het begin van de twintigste eeuw in Amerika, hierdoor bekend.

In de twintigste eeuw groeide het genre verder. August Sander schetste met Menschen des 20. Jahrhunderts een breed portret van de Duitse samenleving. Walker Evans, vaak gezien als de vader van de moderne documentaire fotografie, introduceerde een sobere, heldere beeldtaal die grote invloed had. Tijdens en na de wereldoorlogen werd fotografie zo een krachtig middel om de realiteit van conflict en samenleving tastbaar te maken.

Drie jonge boeren lopen in nette pakken over een landweg. Ze komen zelfverzekerd en modern over, maar hun houding en uitstraling verraden ook hun agrarische afkomst. Juist dit contrast maakt het beeld krachtig en betekenisvol. August Sander portretteerde zijn onderwerpen frontaal en zonder opsmuk, alsof hij de werkelijkheid simpelweg registreerde. Toch vertelt de foto veel over sociale achtergrond, identiteit en verandering in Duitsland aan het begin van de twintigste eeuw. Het beeld is beroemd omdat het duidelijk laat zien waar Sanders werk om draait: mensen vastleggen als vertegenwoordigers van bredere maatschappelijke groepen. Met Menschen des 20. Jahrhunderts wilde hij een systematisch, bijna encyclopedisch overzicht van de samenleving maken. Deze typologische aanpak, gecombineerd met zijn heldere en objectieve stijl, maakte Sander tot een sleutelfiguur binnen de documentaire fotografie.

Hedendaagse benaderingen

Na de Tweede Wereldoorlog richtten fotografen als Henri Cartier-Bresson en Robert Capa, samen met hun collega’s van Magnum, hun camera’s op het naoorlogse leven. Ze legden beslissende momenten vast met een scherpe blik en een groot gevoel voor menselijkheid. Later verlegden fotografen als Diane Arbus, Bruce Davidson of Nan Goldin de aandacht naar de rafelranden van de samenleving, waar kwetsbaarheid, conflict en intimiteit samenkomen.

Vandaag is documentaire fotografie een breed en levendig speelveld. Het omvat sociale, etnografische, oorlog-, landschaps- en natuurfotografie. Wat al deze vormen verbindt, is de wens om werelden zichtbaar te maken die vaak buiten beeld blijven. Tegelijkertijd verschuift het genre subtiel maar duidelijk richting een persoonlijkere benadering. Volledige objectiviteit blijkt een illusie; elke foto draagt de handtekening van de maker. In hedendaagse, post-documentaire fotografie staat die betrokken blik centraal. Fotografen als Garry Winogrand en Alec Soth combineren op hun eigen manier documentaire inhoud met een poëtische toon, waarin gevoel en observatie hand in hand gaan.

Er is een spanningsveld in dit beeld tussen droom en werkelijkheid uit de serie ‘Sleeping By The Mississippi’ (2003) van Alec Soth.  De man houdt speelgoed vliegtuigjes vast, symbolen van verlangen, ontsnapping of ambitie, terwijl zijn omgeving juist alledaags en stil is. Dat contrast maakt het beeld poëtisch en wat melancholisch. De foto is documentair én persoonlijk tegelijk. Het is een ontmoeting tussen de fotograaf, en wij als toeschouwer. Het documentaire portret kijkt bijna kwetsbaar, en is zich bewust van de camera. Daardoor voelt het beeld intiem, alsof je even toegang krijgt tot zijn innerlijke wereld. Het beeld past goed binnen het grotere verhaal van de serie. Net als de rivier de Mississippi stroomt het langs levens vol hoop, eenzaamheid en dromen.

Foto header: Brigit de Kort

Lees ook: ons blog over; Wat is het verschil tussen een fotoreportage en documentaire fotografie?

Wil je meer weten over inhoudelijke fotografie? Lees onze blogs, download ons Ebook, of schrijf je in bij ons BEELDlab. Ben je klaar voor de echte cursus? In september starten we weer op. Zorg dat je er op tijd bij bent!